|
Subsidies voor erosiebestrijding Om bodemerosie te bestrijden is een geïntegreerde, brongerichte aanpak op lange termijn nodig. Landbouwers worden door de Vlaamse Landmaatschappij en de gemeente gestimuleerd voor het nemen van erosiebestrijdende maatregelen. Het eerste gemeentelijk subsidiereglement werd goedgekeurd door de gemeenteraad in 2001. In 2002 werden de eerste gemeentelijke subsidies uitbetaald aan 2 deelnemende landbouwers. In 2004 hadden we al 13 dossiers. Aangezien de VLM de gemeentelijke subsidies heeft overgenomen ondertekenden wij in 2005 een protocol met deze instantie om een bijkomende vergoeding toe te kennen bovenop de beheersvergoeding van het Vlaamse Gewest (VLM). Deze bijkomende vergoeding kan ten hoogste 30% bedragen van de beheersvergoeding. Het volledige grondgebied van Boutersem is erosiegevoelig. In het erosieplan zijn de knelpunten en mogelijke maatregelen bestudeerd. Erosiebestrijdingsmaatregelen kunnen onderverdeeld worden in maatregelen die het erosieprobleem bij de bron aanpakken en maatregelen die niet de oorzaken, maar wel de negatieve gevolgen van erosie - zoals water- en modderoverlast - proberen te beperken. In 2006 ondertekenden 8 landbouwers nieuwe contracten om maatregelen te treffen. Via de Vlaamse Landmaatschappij en de gemeente ontvangen zij hiervoor subsidies. In Boutersem worden de volgende paketten aangeboden: - aanleg aarden wal met opvangsysteem
- aanleg erosiepoel
- aanleg grasgang
- aanleg grasrand langs een holle weg of waterloop
- aanleg perceelsrand niet langs holle wegen of waterlopen
- contourploegen
- gebruik erosieploeg
- inzaai gras in maïs
- inzaai groenbemester
- inzaai van bieten onder dekvrucht
- nemen bodemstaal
- uitvoeren grondbewerking na de oogst
Protocol tussen de Vlaamse Landmaatschappij en de gemeente Boutersem betreffende de toekenning door de gemeente van een bijkomende vergoeding voor beheersovereenkomsten Brochure over erosie(pdf)
Veel gestelde vragen over beheersovereenkomsten erosie ( www.mina.be/erosie) * Wat zijn de mogelijke startdata van de beheerovereenkomsten erosiebestrijding? De pakketten grasbufferstroken, grasgangen, niet-kerende bodembewerking en aarden dam met erosiepoel kunnen van start gaan op 1 januari, 1 april, 1 juli en 1 oktober. Het pakket directe inzaai kan omwille van praktische en teelttechnische redenen enkel van start gaan op 1 juli. Op deze datum staat er doorgaans een teelt op het veld. Dat is belangrijk omdat de landbouwer elk jaar kan kiezen op welk perceel hij dit pakket zal toepassen. * Hoe en door wie worden de afmetingen van een grasgang, grasbufferstrook, dam met erosiepoel bepaald? De landbouwer dient een aanvraag in voor een beheerovereenkomst met bepaalde afmetingen bij de VLM. De VLM vraagt advies aan afdeling Land. Afdeling Land oordeelt of de gekozen afmetingen geschikt zijn gelet op de beheersdoelstelling ‘erosiebestrijding’. Het is mogelijk dat er in het gemeentelijk erosiebestrijdingsplan hierover aanbevelingen opgenomen zijn. * Is er een budgettaire beperking per beheerovereenkomst, per landbouwer, per maatregel,…? Artikel 24, lid 2 van Verordening (EG) nr. 1257/1999 Voor de pakketten erosiebestrijding zijn de Europese plafondbedragen de enige budgettaire beperking. De plafondbedragen zijn 450 euro/ha voor grasland en 600 euro/ha voor akkerland. * Hoe zit dat nu met die breedtes van grasbufferstroken? Grasbufferstroken moeten een gemiddelde breedte hebben die ligt tussen 3 en 21 meter. Deze breedte staat vermeld in het contract en vormt de basis waarop de vergoeding wordt berekend. Een gemiddelde breedte betekent dat de strook wel eens wat breder en ergens anders wat smaller mag zijn dan de contractuele breedte. De strook mag echter nergens smaller zijn dan 3 meter. * Hoe zit dat nu met die breedtes van grasgangen? Grasgangen moeten een gemiddelde breedte hebben die ligt tussen 9 en 30 meter. Deze breedte staat vermeld in het contract en vormt de basis waarop de vergoeding wordt berekend. De grasgang mag nergens smaller zijn dan 9 meter. * Mag het gras op eender welk tijdstip ingezaaid worden? Het gras moet ingezaaid worden binnen de eerste vier maanden van het eerste jaar van de beheerovereenkomst. Het is aan de landbouwer om te oordelen wanneer, afhankelijk van de gekozen startdatum, dit het best gebeurt. Voor meer informatie kan u terecht bij Nadine Meeus, milieudienst, 016/72.10.61 of Catherine Hermans, IGO Leuven, 016/29.85.53.
|